Meisjescentrum Keuken

Op kot of pendelen: de voor- en nadelen

Toen ik in 2014 voor het eerst op kot ging, opende er zich een nieuwe wereld. Na drie jaar ben ik beginnen pendelen, vooral omdat ik minder les had, maar ook omdat ik weer gewoon thuis wilde zijn. Ik ben blij dat ik beide heb mogen proberen, want het heeft allemaal zijn voor- en nadelen.

Kot

In mijn eerste jaar aan de universiteit heb een kamer in de gesubsidieerde residentie Camilo Torres gekregen. Ik had daar een standaard kamer en deelde de keuken en het sanitair met twaalf andere mensen. De twee jaren daarna had ik per toeval een grote kamer in de gesubsidieerde residentie Meisjescentrum en deelde ik de keuken en het sanitair met zes andere mensen. Omdat het beide gesubsidieerde koten van de KU Leuven zijn, worden de gedeelde ruimtes wekelijks schoongemaakt door schoonmakers en worden defecten snel gemaakt. De prijs is ook navenhand van wat jij of je ouders als jaarlijks inkomen hebben, dus dit is een ideale manier om goedkoper op kot te kunnen gaan.

Vrijheid Vrijheid

Voor mij was op kot gaan een hele grote stap. In het middelbaar kookten mijn ouders nog voor me, deden ze mijn was, moest ik weinig schoonmaken, etc. Op kot moet je dat ineens zelf doen. Mijn ouders hebben me wel geholpen door bijvoorbeeld doordeweeks extra te koken zodat ik de restjes op kot kon opeten als avondmaaltijd. Ze gaven ook brood, beleg en fruit mee dus zo ben ik de eerste jaren op kot nooit naar de winkel moeten gaan. Ook mijn was nam ik elke keer weer mee naar huis om in het weekend thuis te laten wassen. In het laatste jaar begon ik mijn beddengoed wel zelf in de gedeelde wasmachine van kot te wassen, want mijn valies zat om de twee weken altijd propvol met alleen beddengoed. En tja, je kamer ga je echt wel zelf moeten poetsen. Je hebt natuurlijk de vrijheid om ze zo vuil te worden als je zelf wilt, maar met mijn huisstofmijt-allergie is dat echt geen optie. 😛

Op deze manier ben ik op een geleidelijke manier best wel zelfstandig geworden.

Fijne sociale contacten Samen wonen met anderen

Ik ben op kot/unif wel uit mijn schelp moeten kruipen. Het verlegen meisje zijn werkt daar niet. In mijn eerste jaar op kot was ik een beetje geïsoleerd omdat ik niet mee uitging met mijn kotgenoten. Ze hebben het in het begin meerdere keren gevraagd, maar toen ik altijd nee zei, was hun interesse al snel weg en was ik de ‘saaie’.

Op mijn tweede kot zat ik met meisjes die het studeren iets serieuzer namen en samen leuke avonden organiseerden zonder alcohol en zonder het laat te maken. Ik heb daar echt fijne tijden beleefd omdat iedereen zo vriendelijk was.

Op beide koten heb ik last gehad van vieze kotgenoten en geloof me, één vieze persoon kan het verschil maken. In mijn eerste kot stonk de keuken naar alcohol omdat mensen te lui waren om hun lege flesjes naar de glascontainter te brengen (die zich overigens recht over de voordeur bevond …). Meestal stond er ook veel afwas, omdat er één iemand het principe had om enkel af te wassen als ze iets nodig had om het daarna weer vuil op de afwasstapel te smijten. Als het poetsdag was, werd alle afwas in de kast onder de gootsteen geplaatst om daar vergeten te worden. Ja, er zaten muizen in onze keuken.

Alles is dichtbij Maar toch ook niet

Mijn eerste kot was best wel ver weg van mijn faculteit (20-30 minuten wandelen) en van het station (40 minuten wandelen), dus een fiets was echt wel een must. Ook een buskaart kan handig zijn als je bijvoorbeeld met je valies naar het station gaat.

Het enige nadeel daarmee was dat er nogal veel fietsen gestolen worden in Leuven en ik had een oude fiets, dus mijn band was om de haverklap plat. Gelukkig is er een fietsen herstelpunt onder het Rector de Somerplein waar ze je banden gratis oppompen.

Mijn tweede kot was pal in het centrum en dat vond ik veel fijner. Mijn fiets stond nog altijd in de fietsenstalling, maar ik heb die bijna nooit gebruikt in de twee jaar dat ik daar gezeten heb.

Veiligheid?

Het hangt er wel een beetje vanaf in welke buurt je een kot hebt, vind ik. Mijn eerste kot was op een drukke steenweg, een paar kilometer verwijderd van de Oude Markt. Iedere kamer had een persoonlijke bel in de inkomhal en die is meerdere keren ingedrukt geweest door mensen die eigenlijk niets in ons kot te zoeken hadden. Camilo Torres is een residentie met gigantisch veel kamers en dat resulteerde er vaak in dat mensen werden binnen gelaten met het smoesje: ‘ik ben mijn sleutels vergeten’. Of ze glipten gewoon mee binnen met iemand anders. Je kent daar buiten je gang bijna niemand.

Zo zou er eens een landloper zijn binnen geraakt in onze keuken om het eten te stelen en zou hij al slapend op de zetel zijn gevonden…

Nu, in het Meisjescentrum zat ik pal in het centrum en had ik die problemen veel minder. Er werd nog wel gewaarschuwd om geen vreemden binnen te laten, maar ik hoorde tenminste geen horrorverhalen meer. 😛

Pendelen

Sinds dit jaar pendel ik elke dag naar Leuven met de trein. Ik fiets een kwartier naar het station, zit een kwartier op de trein naar Mechelen, waar ik na tien minuten kan overstappen op de trein naar Leuven die er ongeveer 30 minuten over doet. Daarna doe ik er een kwartier over om naar mijn campus te wandelen. Dit is zonder vertragingen gerekend.

Ik doe er dus ongeveer iets minder dan een uur en een half over om naar de les te gaan. Terug naar huis gaan duurt even lang.

Rustig zitten Reistijd

Ik heb best wel geluk dat ik altijd twee treinen per uur heb. Als er dan vertragingen of afschaffingen zijn, dan ben ik normaal gezien maar maximaal een halfuur te laat. Maar om niet te laat te komen, neem ik vaak een trein vroeger waardoor ik twee uur per rit kwijt ben tot mijn les begint. Ik vind het heel vermoeiend om per dag zoveel tijd te verliezen, maar ik doe mijn best om op te trein ook nog productief te zijn. Ik vind het alleen niet zo handig om effectief te studeren op een trein. Ik voorzie altijd iets om te lezen, want een laptop of cursus waar je in werkt, vind ik oncomfortabel om mee te zitten.

Goedkoper dan op kot Vertragingen, pannes en stakingen

Mijn voornaamste reden om dit jaar te pendelen was omdat ik op kot gaan geldverspilling vond voor de tien uur les die ik nog maar had per week. Mijn lessenrooster in het eerste semester was echter zo ingedeeld dat ik vijf uur per dag les had, dus ik was dagelijks langer onderweg dan ik les had … . ^^’

Anderzijds moet je ook rekening houden met vertragingen. Heb je een goede verbinding waar je genoeg alternatieven bij hebt? Wees altijd voorbereid want op verplichte aanwezigheidsmomenten of examens wil je echt niet te laat komen door een vertraging, panne of staking. (Ik heb effectief treinpanne gehad onderweg naar een herexamen en dat is niet fijn afgelopen …)

Ik zou pendelen alleen maar doen als je reistijd korter is dan een uur. Een halfuur is zeker goed te doen, maar als het langer begint te worden moet je jezelf echt vragen of dat wel ten goede is van je studies.

Lekker thuis Laat thuis

Ik vind het nu wel heel fijn dat ik elke avond naar huis ga en dat ik weinig moet helpen in het huishouden. Ik vond op kot zitten nogal eenzaam en saai, dus thuis is het gezelliger.

Maar ik heb vrij vaak les gehad tot acht uur ’s avonds en dat had ik niet al pendelend willen doen. Dat is bij wijze van spreken thuis komen en in je bed kruipen om er de volgende ochtend weer vroeg uit te moeten.

Foto’s

Camilo Torres

Meisjescentrum

 

Conclusie

Ik kom misschien bij beide negatief over, maar het is allemaal zo erg niet. 😛 Je moet gewoon realistisch zijn. Ben je niet klaar om op kot te gaan? Probeer dan even te pendelen en als dat niet lukt kan je later nog altijd naar een kot op zoek gaan. Omgekeerd is wat moeilijker omdat koten vaak met huurcontracten van tien tot twaalf maanden werken. Maar laat je niet afschrikken, je kan geen foute keuze maken. Uit beide zul je leren.


Geef een reactie